Auteursrecht

Wanneer heb ik auteursrecht?

Het auteursrecht dient ter bescherming van creatieve prestaties zodat de maker hieruit economisch voordeel kan behalen. Zonder het bestaan van auteursrecht zou er weinig stimulans zijn om nieuwe werken te maken, aangezien een ander deze zonder problemen zou kunnen kopiëren en de vruchten ervan kan plukken. De maker van het werk is degene die de auteursrechten krijgt. Dat gebeurt automatisch, dus het is niet nodig om het auteursrecht ergens te registreren of een (c) te vermelden bij het werk.

De wet gaat uit van een vermoeden van makerschap. Als maker wordt in principe beschouwd degene die als maker op of in het werk staat vermeld, dit wordt echter ruim genomen. Tevens kan er sprake zijn van co-auteurschap indien het werk door meerdere personen is gemaakt en hun bijdragen niet los van elkaar kunnen worden beoordeeld. Beide auteurs hebben dan gezamenlijk het auteursrecht. Daarnaast kan het makerschap toekomen aan de werkgever of rechtspersoon in wiens opdracht een werk is vervaardigd.

Het is relevant om te weten aan wie het makerschap toekomt. Alleen deze rechthebbende kan u toestemming verlenen voor verdere openbaarmaking of verveelvoudiging van het auteursrechtelijk beschermde werk.

Waarop heb ik auteursrecht?

Volgens de Auteurswet worden “werken van letterkunde, wetenschap of kunst” onder bepaalde voorwaarden door het auteursrecht beschermd. De termen letterkunde, wetenschap en kunst moeten niet te nauw worden opgevat, bijna alles kan daar onder vallen. Zo kan ook een recept onder omstandigheden een auteursrechtelijk werk zijn. Maar ook bijvoorbeeld een computerprogramma. Wel moet een voortbrengsel zintuiglijk waarneembaar te zijn, zoals een boek, een speech of een voorstelling. Het is dus niet noodzakelijk dat het werk is gematerialiseerd (het gaat om de geestelijke schepping, niet het lichamelijk object). Wel dient het werk qua inhoud een bepaalde vorm te hebben. Een idee wordt dus niet beschermd.

Uit de rechtspraak blijkt dat een werk pas beschermd is als het een eigen, oorspronkelijk karakter heeft en het persoonlijke stempel van de maker draagt. Een vuistregel die kan worden gebruikt bij het vaststellen daarvan is of het uitgesloten kan worden dat twee personen onafhankelijk van elkaar precies hetzelfde werk zouden kunnen maken. Zo ja, dan komt het werk voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking.

Toch zijn er ook gevallen waarin de auteurswet bescherming biedt aan werken waar geen enkele creativiteit bij komt kijken. Het gaat dan om de zogenaamde geschriftenbescherming.

Waarop niet?

Op ideeën, stijlen, de toegepaste methode, systemen, maar ook op sportprestaties rust geen auteursrecht. Men mag dus componeren in de stijl van Bach, schilderen in de stijl van Lichtenstein, schrijven in de stijl van Mulisch en ontwerpen in de stijl van Des Bouvrie. Wanneer u toch over uw idee gaat praten, bijvoorbeeld om het te overleggen met mogelijke investeerders, doet u er verstandig aan hen eerst een geheimhoudingsverklaring te laten tekenen.

Het kan echter zo zijn dat prestaties die niet onder het auteursrecht vallen, wel worden beschermd onder het naburig recht. Voorbeelden zijn prestaties van uitvoerende musici, toneelspelers en acteurs. Ook worden producenten van geluidopnamen door het naburig recht beschermd.

Wat kan ik met auteursrecht?

Openbaarmaking en verveelvoudiging

Een auteursrechthebbende beschikt over twee exclusieve rechten, namelijk het exclusieve recht om het werk openbaar te maken en te verveelvoudigen.

Er is sprake van openbaarmaking wanneer een werk op enige wijze ter beschikking van het publiek komt. Hierbij kunt u denken aan het verhuren van een werk of het publiceren van het werk, bijvoorbeeld op internet.

Verveelvoudiging van een werk kan op twee manieren geschieden. In het eerste geval worden er meerdere exemplaren van het werk gemaakt. Voorbeelden van dit type verveelvoudiging zijn onder andere: fotokopiëren, fotograferen of het digitaal opslaan van tekst, geluid of beeld.

De tweede betekenis die aan verveelvoudigen kan worden gegeven is de bewerking of nabootsing van een werk. Dit is het geval wanneer een werk bijvoorbeeld wordt vertaald of verfilmd. Tevens valt hieronder iedere bewerking of nabootsing die een wijziging van het werk inhoudt, maar die niet als nieuw oorspronkelijk werk kan worden gezien omdat er geen eigen creatieve inbreng is geweest.

Persoonlijkheidsrechten

Persoonlijkheidsrechten zijn rechten die de immateriële belangen van de maker beschermen. De maker zal deze rechten dan ook in beginsel altijd behouden, ook na overdracht. Voorbeelden van persoonlijkheidsrechten zijn: het recht van de maker zich te verzetten tegen openbaarmaking zonder vermelding van zijn naam / onder een andere naam dan de zijne en het recht van de maker om op te treden tegen misvorming van het werk.

Overdracht

Het auteursrecht kan worden overgedragen. Voor het overdragen ervan is het noodzakelijk dat een schriftelijk stuk wordt opgesteld dat door beide partijen ondertekend wordt. Het is tevens mogelijk het auteursrecht te splitsen en bijvoorbeeld het filmrecht over te dragen aan een producent, maar het vertaalrecht aan iemand anders over te dragen. Echter, een maker van een werk behoudt zijn persoonlijkheidsrechten in principe na overdracht van het auteursrecht.

Licentie

Een auteursrechtelijke licentie kan door de auteursrechthebbende aan een ander worden verstrekt zonder dat sprake is van een vormvereiste. Het is dus ook mogelijk om iemand mondeling toestemming te geven om een werk openbaar te maken of te verveelvoudigen. Deze licentie kan exclusief of non-exclusief zijn. De auteursrechthebbende heeft zelf de keuze om de reikwijdte van de licentie te bepalen. Zo kan een fotograaf licentie (lees: toestemming) geven aan een website om zijn foto op een bepaalde pagina te publiceren in ruil voor een vergoeding. De reikwijdte van de licentie is dus beperkt tot die ene foto en die ene pagina.

Wat zijn de uitzonderingen?

Beperkingen

Het belang van de auteursrechthebbende moet in bepaalde gevallen wijken voor het belang van de maatschappij als geheel. Dat leidt ertoe dat de auteursrechthebbende soms moet toestaan dat anderen zijn werk zonder toestemming openbaar maken of verveelvoudigen. Dit wordt ook wel beperkingen op het auteursrecht genoemd. Denk bijvoorbeeld aan het citaatrecht of de privékopie; iedereen mag een werk kopiëren voor eigen oefening, studie of gebruik, ook zonder toestemming van de maker. Een ander voorbeeld is de incidentele verwerking en de onderwijsexceptie.

Uitputting

Uitputting houdt kort gezegd het volgende in: Als een product eenmaal rechtmatig in het handelsverkeer is gebracht (dus door of met toestemming van de rechthebbende) mag het vrij verhandeld worden. Dit heeft te maken met het vrij verkeer van goederen zoals dat geldt binnen de Europese Gemeenschap. Uitputting geldt alleen maar wanneer producten binnen de Europese Economische Ruimte in het verkeer zijn gebracht. Klik hier) om te zien welke landen er horen bij de EU en de EER.

Uitputting geldt niet voor het auteursrecht in het algemeen, maar alleen voor het auteursrecht op de exemplaren die in het verkeer zijn gebracht. Het is dus niet zo dat de rechthebbende in het geheel geen beroep meer kan doen op zijn auteursrecht als hij eenmaal producten in de EER in het verkeer heeft gebracht. Hij kan alleen zijn auteursrecht niet meer inroepen met betrekking tot die specifieke exemplaren van de producten die hij in het verkeer heeft gebracht.

Praktisch betekent dat dus dat Harry Mulisch zich niet kan verzetten tegen het feit dat jij een boek op marktplaats verkoopt. Als je het boek in een winkel in Nederland hebt gekocht zijn ze dus met toestemming van de rechthebbende in het verkeer gebracht en is het auteursrecht van Harry Mulisch op dat specifieke boek uitgeput.

Dit alles geldt niet als de auteursrechthebbende gegronde redenen heeft om zich tegen verdere verhandeling te verzetten. Dat is bijvoorbeeld het geval als de producten, nadat deze in het verkeer zijn gebracht, kwalitatief verslechterd zijn. Met kwalitatief verslechterd wordt gedoeld op het in kwaliteit en/of inhoud veranderen en/of afbreuk doen aan de reputatie van het product.

Hoe lang heb ik auteursrecht?

Het auteursrecht duurt niet oneindig. De beschermingsduur binnen de Europese Unie is gelijk aan de levensduur van de maker plus 70 jaar na zijn overlijden. De termijn van 70 jaar gaat lopen vanaf 1 januari volgend op de datum van het overlijden van de maker. Na het overlijden gaat het auteursrecht over op de erfgenamen van de overleden maker, net zoals zijn andere vermogen. Als de maker een rechtspersoon is, dan start de termijn van 70 jaar na de eerste openbaring van het werk.

Na 70 jaar valt het werk onder het “publieke domein.” Dit wil zeggen dat je ermee kan doen wat je wilt. Het is wel belangrijk om je te realiseren dat er – naast het auteursrecht – nog andere rechten op een werk kunnen rusten. Disney kan bijvoorbeeld het auteursrecht op Mickey Mouse verliezen door tijdsverloop, maar nog steeds een merkrecht hebben op de naam Mickey Mouse. De maker of auteursrechthebbende kan wel eerder afstand doen van zijn auteursrecht.

Wanneer maak ik inbreuk?

Het auteursrecht creëert een alleenrecht op behaalde handelingen voor de auteursrechthebbende; het openbaar maken en het verveelvoudigen. Derden hebben voor deze handelingen toestemming nodig van de auteursrechthebbende, die dit bijvoorbeeld in de vorm van een licentie kan verlenen. In de wet staan echter ook uitzonderingen die dit alleenrecht doorbreken; de beperkingen op het auteursrecht. Wanneer er geen toestemming is gegeven of wanneer het niet onder een van de beperkingen valt, maak je inbreuk op het auteursrecht. Het moet dan natuurlijk wel om een auteursrechtelijk beschermd werk gaan.

Een specifiek regime voor films

Het auteursrecht dient ter bescherming van creatieve prestaties. Een film kan zo’n creatieve prestatie zijn. De wet kent echter een specifiek regime voor filmwerken. Zo wordt de regisseur geacht al zijn rechten te hebben overgedragen aan de producent. De regisseur heeft wel een recht op een billijke vergoeding.

Portretrecht

Wanneer een fotograaf een foto neemt heeft hij in beginsel auteursrecht op de door hem gemaakte foto. Wanneer een fotograaf een foto maakt van een andere persoon wordt zijn auteursrecht op deze foto enigszins ingeperkt. De gefotografeerde persoon heeft namelijk ook rechten op de foto die van hem gemaakt is. Deze rechten vallen onder zijn portretrecht. De gefotografeerde persoon hoeft overigens niet duidelijk in beeld te zijn, het is voldoende als de persoon kan worden herkend, bijvoorbeeld vanwege een typerende lichaamshouding. Klik hier voor meer informatie over het portretrecht.

Beheersorganisaties

Vaak zal het lastig zijn voor een individuele auteur om zijn rechten te beheren. Bij massale gebruik van bepaalde werken, zoals bij muziek, zal het lastig zijn voor de auteur om te controleren of er geen inbreuk wordt gepleegd op zijn auteursrecht. Om dit probleem op te lossen is bemiddeling noodzakelijk. Zogenaamde beheersorganisaties zien op dit probleem. De bekendste voor de muziekindustrie is Buma/Stemra. Let wel op dat je hierbij je exploitatierechten aan Buma overdraagt. Buma verkrijgt het recht om te openbaren en Stemra verkrijgt het recht om te verveelvoudigen. Je bent dan niet meer bevoegd om dit deel van je auteursrecht aan een andere partij over te dragen. Andere voorbeelden zijn Pictoright, Fotografenfederatie en Reprorecht.